Luchtwachttorens in Nederland
Erfgoed uit de Koude Oorlog

Luchtwachttorens en luchtwachtposten van het Korps Luchtwachtdienst, 1950-1968 

Deze website is in opbouw, uitbreidingen volgen en binnenkort ook info over de Mijnenuitkijkdienst (MUD)

Het boekje over de Mijnenuitkijkdienst is al te bestellen onder Publicaties

Laatst gewijzigd: 14-10-2019

 

 Verschijnt voorjaar 2020: boek Luchtwachttorens, getuigen uit de Koude Oorlog

Lees over de bouw van deze betonnen kolossen, over de vrijwillige luchtwachters die in weer in wind op hun posten naar het luchtruim keken en over de vliegtuigen die ze waarnamen. Zie hoe dames van de Luva in de commandocentra de vliegtuigen op kaart zetten. Met persoonlijke verhalen van ooggetuigen. Compleet met achtergronden over het Korps Luchtwachtdienst (KLD), de plaats van de torens in de luchtverdediging tijdens de Koude Oorlog en het latere hergebruik van torens. Met extra pagina’s over alle 18 nog bestaande torens en rijk geïllustreerd met historische foto’s.

Zie flyer voor meer informatie. Wilt u vrijblijvend op de hoogte gehouden worden over het verschijnen? Vul dan het contactformulier op deze website in of mail naar: info@narwal.eu.


  Raatbouw

 Ongeveer de helft van de luchtwachtposten  is gebouwd volgens het raatbouw-systeem: een open torenconstructie van betonnen prefab-elementen. Architect Marten Zwaagstra ontwierp de torens in opdracht van het Ministerie van Oorlog en N.V. Schokbeton leverde de raatelementen. Het leverde karakteristieke torens in het landschap op. Een enkele toren was niet van beton maar van hout of baksteen, zoals in Scheveningen en Oude Wetering.






 


 Posten op gebouwen

 De andere helft van de luchtwachtposten bestond uit een (eenvoudige) opbouw op een fabriek, watertoren, molenromp of bunker. Deze posten hebben geen standaard ontwerp. Meestal zijn het eenvoudige verhogingen op een bestaand gebouw, gemaakt van beton, baksteen of hout. 




 

 Lezingen over luchtwachttorens in Nationaal Militair Museum 19 en 20 oktober 2019





Ontdek de geheimen van de Koude Oorlog in de provincie Utrecht op 19 en 20 oktober 2019 op Park Vliegbasis Soesterberg. Met lezingen over luchtwachttorens (inclusief korte historische film) op zaterdag om 14:45 uur en zondag om 11:15 uur. Bekijk het hele programma hier: https://www.provincie-utrecht.nl/onderwerpen/alle-onderwerpen/themajaar-koude-oorlog/ontdek-geheimen-koude-oorlog/ontdek-geheimen-koude-oorlog-19-20-oktober/activiteiten/activiteiten-cultuur/


 Uitkijken naar laagvliegers

 De bovenzijde van de luchtwachtposten bestond uit een open platform. Daar speurden twee luchtwachters het luchtruim af met een kijker en op het gehoor. Hun taak was het signaleren van en waarschuwen voor laagvliegende vliegtuigen. Men was beducht voor vijandelijke indringers, die beneden het toenmalige radarbereik (circa 900 meter) vlogen. Richting en afstand bepaalden ze met het luchtwachtinstrument. De luchtwachters waren mannelijke vrijwilligers uit de omgeving van de posten. Ze werden opgeleid om vliegtuigen (zowel de eigen als de vijandelijke) te herkennen aan silhouet en motorgeluid. 

 

 Luchtwachtcentrum 

 De luchtwachters meldden de gespotte vliegtuigen per telefoon aan het luchtwachtcentrum in één van de acht luchtwachtregio's. Die stonden in verbinding met het landelijke militaire hoofdkwartier van de luchtverdediging, het Sector Operations Centre in Driebergen. Daar besliste de gevechtsleiding over inzetten van gevechtsvliegtuigen en luchtdoelartillerie. Via het luchtwachtcentrum kwam ook de Bescherming Bevolking in actie, om de bevolking te waarschuwen en in veiligheid te brengen. Maar zover kwam het gelukkig allemaal niet, het bleef bij oefenen.

 





 










 Koude Oorlog en Korps Luchtwachtdienst

 De toenemende dreiging van een (nucleaire) oorlog tussen de landen van het Vrije Westen en het Oostblok leidde in 1950 tot de oprichting van het Korps Luchtwachtdienst (KLD) om voorbereid te zijn op een Russische aanval. Het KLD was onderdeel van het Commando Luchtverdediging van de Koninklijke Luchtmacht. Het KLD bouwde tussen 1951 en 1955 een netwerk van 276 hoge uitkijkposten verspreid over het hele land. De ene helft op bestaande gebouwen, de andere helft op speciaal gebouwde torens.
Netwerk van luchtwachtposten. Bron: VPRO/Vizualism/S. van Lochem


 Opheffing

 Het spotten van vliegtuigen vanaf de torens was van korte duur. Steeds snellere vliegtuigen en verbeterde radar maakten het via oog en oor volgen van laagvliegers nutteloos. Bovendien werd de bescherming van het luchtruim steeds meer internationaal georganiseerd en geïntegreerd in de NAVO-luchtverdediging. In 1964 kromp het KLD sterk in en in 1968 werd het geheel opgeheven. De vliegtuigwaarneming met oog en oor was definitief ten einde.









  

 Luchtwachttorens anno 2019

 In heel Nederland zijn van de eens talrijke luchtwachttorens slechts achttien hele torens (zestien raatbouwtorens en twee bakstenen torens) en drie halve raatbouwtorens bewaard gebleven. Ook de meeste posten op bestaande gebouwen zijn inmiddels gesloopt.

Een overzicht van alle locaties van bestaande luchtwachttorens en luchtwachtposten op gebouwen is (met medewerking van www.luchtwachttorens.nl) te vinden op de Militaire Landschapskaart van de RCE: https://landschapinnederland.nl/militaire-landschapskaart